De ‘Ceci n’est pas une annonce’ – persconferentie fertiliteitcentra 24 juni 2014

De afgelopen weken vingen we het gerucht reeds op dat een aantal fertiliteitcentra een nieuwe oproep ter rekrutering van spermadonoren zouden lanceren.

De eerste echte losse flodder werd afgeschoten toen vorige zaterdag De Tijd kopte met ‘De depressie van de Belgische zaadeconomie’. Nog nooit hebben centra zo in hun kaarten laten kijken.

Het werd een wanhopige kreet om meer Belgisch zaad naar hun banken te laten stromen, zodat de vraag niet meer gedekt hoeft te worden met de gameten van Vikingen.

Als er prijzen werden uitgereikt ter dehumanisering van donorconceptie en verkondigen van onwaarheden dan zouden de twee fertiliteitartsen die het woord kregen zo goed als alle beeldjes in de wacht slepen.

We zetten ze even voor u op een rijtje:

  • geen grondstof zo voorhanden als sperma
  • op papier is de grondstof in overvloed aanwezig, onuitputtelijk zelfs. Niet duur bovendien. En ze wordt elke dag op onzinnige manier verkwist.
  • tegen dat het donorzaad een kind oplevert, zijn soms jaren verstreken.
  • het donortekort in Nederland is nijpender omdat donoren geregistreerd staan, wat veel mannen de stuipen op het lijf jaagt.
  • wilde, buitenlandse verhalen over mannen die decennia na hun donatie opgespoord worden door hun biologische kinderen of het voorwerp worden van smeekbedes om alimentaties zijn bij ons uitgesloten.
  • eind vorig jaar heeft de toezichthouder ons op de vingers getikt, omdat patiënten te veel informatie kregen over zaad van Deense donoren die we gebruiken. Alsof je een donor kan terugvinden op basis van een paar lichaamskenmerken. (bepaalde Belgische centra boden open profiel donoren aan waarbij het kind de mogelijkheid heeft om op latere leeftijd via een tusseninstantie contact met diens donor te zoeken, het betreft hier dus meer dan ‘een paar lichaamskenmerken’)
  • een spermabank in België kan nauwelijks break-even draaien
  • terwijl de overheid alle commercie uit de donormarkt wilde bannen, maakt ze het net mogelijk dat een aantal spelers instrumenten in handen krijgen om er platte commercie van te maken.

Beide artsen herleiden menselijke zaadcellen tot een economisch product, zonder enige verbinding met het menselijk leven. Het is een industrie dat moet renderen en liefst met winst.

Vorige dinsdag werd het konijn uit de hoed getrokken en besloten we getuigen te zijn van hetgeen te verkondigen viel. De meeste journalisten beperkten zich tot het voorgekauwde persbericht.

Beiden donorkind aka hetgeen werd opgeleverd na een behandeling met donormateriaal, vonden we het belangrijk aanwezig te zijn op de zoveelste oproep die beoogt nog meer lotgenoten zonder recht op afkomst van de band te laten rollen.

We hadden ons ingeschreven als journalisten. Enige wroeging hierover toch, maar er werden tenminste geen fundamentele mensenrechten geschonden. Inschrijving bleek achteraf ook niet nodig, daar we zonder enige vorm van controle binnen konden lopen.

 Persconferentie UZB – dinsdag 24 juni – 10u

Daar ik in het verleden altijd herkenbaar de dialoog of confrontatie met twee van de aanwezige sprekers ben aangegaan (schandaal Deense donor met NF1 of in debat) besloot ik me met een pruik te vermommen.

Christine was nog nooit publiekelijk naar buiten getreden en kon zo de zaal betreden.

We zochten een plekje en we lieten de informatietoevoer inlepelen.

De wanhopige kreet werd iets charmanter verpakt, de massale vraag en toestroom van buitenlanders alsook de toename van alleenstaande mama’s en lesbische koppels werd aangekaard. Het doneren van bloed en organen werd weder vergeleken met het doneren van gameten. Het grote onrecht werd aangekaart omdat ze niet dezelfde, tot nauwelijks, reclame mogen maken om ook die lichaamweefsels makkelijker te kunnen bemachtigen.

Er werd gehamerd op de anonimiteit, omdat er blijkbaar de immense vrees van donoren heerst dat ooit een vinger van een donorkind diens deurbel komt indrukken.

Tot op heden kennen we geen enkel donorkind die de behoefte voelt om voor de voordeur van een donor te gaan staan. Voor ons betreft het om over meer informatie te kunnen beschikken of een mogelijkheid tot contact te kunnen hebben. Geen van ons wil zich indringen in een leven dat naast het onze werd opgebouwd, noch wensen we zelf ook niet dat op een dag onze donoren een plek in ons leven kunnen komen opeisen.

Om een of andere reden, ons nog onbekend, planten artsen en reclamebureaus maar al te graag het zaad der angst om mannen te overtuigen anoniem te blijven donoren.

Ethicus Guido Pennigs hield een betoog dat wensouders niet via een centrum hun kinderwens invullen, hierdoor niet alleen de wet aan hun laars lappen, maar ook regelrechte consumenten worden. Onze kritische geest werd geactiveerd bij de bedenking dat massaal wensouders van andere landen, vaak  in strijd met de wetgeving van eigen land, toevlucht zoeken in Belgische centra. Zijn deze wensouders, en per definitie niet alle wensouders die in ruil van financiële middelen dienstverlening en gameten terug geplaatst krijgen, consumenten? Of worden ze van hun consumentenstatus ontheven als ze langs de kassa van een Belgisch centrum passeren?

Ook hadden ze een voorstel van keuzes in aanbieding: de extra optie voor ouders om naast een anonieme of gekende donor ook te kunnen kiezen voor een identificeerbare donor. Automatisch volgde hieruit de optie voor een donor om zich identificeerbaar op te stellen. Maar geen keuzes voor het kind, neen dat niet. Doch is het net die persoon die met het donormateriaal wordt verwekt.  Met dit pleidooi stellen artsen en de ethicus ook duidelijk dat voor hen de belangen van het kind ondergeschikt blijven. Het al dan niet meer kunnen weten over diens afkomst wordt bepaald door de keuze die de wensouders maakten of het advies dat door een fertiliteitsarts werd gegeven.

But the best was yet to come.

Met trommelgeroffel werd het initiatief van een donorkind aan de pers voorgesteld. Hijzelf werd aangekondigd als mr. Famous, met een vette knipoog naar het reclamebureau dat zowel de persconferentie als het initiatief vorm en inhoud gaf.

Het donorkind zelf is zijn donor heel dankbaar voor de gift van het leven en vindt zijn afkomst niet belangrijk. Dat hoeft ook niet. Niet alle donorkinderen hebben de behoefte te willen weten van wie ze afstemmen. Wel jammer en bedenkelijk dat net dit donorkind liever anoniem blijft.

Mr. Famous had het idee om donoren te vermenselijken aan de hand van levensadviezen. Hij stapte naar het reclamebureau Famous en die creëerden een Bond-Zonder-Naam goes Instagram website. Op die manier – and I quote – ‘geeft de donor niet enkel een leven, maar ook een teken van leven.’

De site heet www.levensdonoren.be en je vindt er adviezen/slogans terug die schreeuwen om op allerhande merchandising te worden gezet.

Doch enige kritische bemerkingen aangaande dit initiatief.

Allereerst scharen slechts iets meer dan de helft van de centra er zich achter. De vraag van een journaliste waarom ze niet allemaal meededen bleef onbeantwoord.

De site wordt gelanceerd nav een het chronische spermatekort en heeft als doel donoren te sensibiliseren en te rekruteren. Dit doen ze aan de hand van positieve en goed gekozen boodschappen te posten voor het nageslacht.

Men kan zich de vraag stellen of het deontologisch verantwoord is dat zulke website wordt opgezet via een reclamebureau, die net de toeloop van het aantal donoren beoogt. Hierdoor wordt namelijk de inhoud gestuurd, daar deze door het doel wordt bepaald.

De motieven van donoren kunnen uiteenlopend zijn: de een doet het uit altruïsme, de ander voor het geld of om zoveel mogelijk nazaten te hebben rondlopen. Door enkel de zeemzoete boodschappen te portretteren, wordt maar 1 kant belicht.

Donorconceptie is niet altijd een goed nieuwsshow. Het is en blijft een complex verhaal: zowel voor de ouders, als donorkinderen en donoren. Het klopt dat iedereen wat levensadvies kan gebruiken, doch realiteitszin is hier van hogere orde. ‘Levensadvies’ uit de handen van een reclamebureau is … reclame. Hoe authentiek je het product ook voorstelt, het balanceert zelfs op het randje van misleiding.

margritte

‘It is I, Leclerc’

Toen de sprekers hun zegje hadden gedaan en het perspubliek vragen mocht afvuren wierp Christine als eerste een vraag op aan ethicus Guido Pennings. Ze polste naar zijn mening over het recht van het kind op kennis over zijn biologische oorsprong.

Hij antwoordde dat hij kon vatten dat die behoefte of vraag heerst bij een aantal donorkinderen, maar dat dit niet opweegt tegen de massale vraag van de (wens)ouders.

De Verdragen van de rechten van de Mens en Kind werden aangehaald, maar deze werden meteen aan de kant geschoven. Professor Tournaye stelde zelfs dat dit Verdragen betrof die opgesteld werden ten tijde van oorlogen of kolonisatie en hier helemaal niet van toepassing konden zijn.

En toen was het mijn beurt. Ik heb mezelf voorgesteld, mijn pruik afgehaald en aangehaald dat tegemoetkoming aan iemands fundamenteel recht op afstamming niet hoeft te betekenen dat het aantal donoren zal dalen. Engeland is hier een prachtig voorbeeld van. Het Britse beleid bewerkstelligde zelfs een stijging in het aantal donoren.

In april 2005 nam het land de ethische beslissing om donorkinderen zelfbeschikking over  hun biologische roots toe te kennen. Het Human Fertilisation and Embrology Authority (HFEA) werkte een beleid en begeleiding uit die zowel de donorkinderen, als ouders en donoren ten goede komt.

Dit zorgde in Engeland voor een stijging in het aantal donoren: +57 % spermadonoren en + 12% eiceldonoren.

Als het daar kan, waarom kan het in dit land dan niet? hoorde ik me opwerpen.

Het gehanteerde afwijkingsmanoeuvre van professor Tournaye was dat in Engeland het aanbod nog steeds de vraag niet dekt.

Doch met die stijging wordt wel bewezen dat het anders kan. UZB zit zelf met een daling met het aantal donoren.

### einde persconferentie ###

Na de persconferentie werden interviews met de sprekers afgenomen.

Een journaliste sprak ons aan voor een interview. In onze ooghoeken zagen we een dame op ons afkomen. ‘Of we wouden weggaan. We hadden er niets te zoeken’ Ze maakte zich uit de voeten van zodra ze opmerkte dat haar gedrag ook andere journalisten begon op te vallen. Het leverde ons alvast een bijkomend interview op.

Ze deed nog een poging, maar we lieten ons niet intimideren noch wegjagen.

Zolang het beleid de rechten van de mensen die door zulke behandelingen worden verwekt niet erkent noch toekent, èn centra een vernauwd perspectief blijven hanteren, zullen we opkomen: voor onszelf, voor anderen maar ook voor zij die nu nog geen stem hebben.

Groet,
Steph

http://www.donorkinderen.com
http://www.facebook.com/donorkinderenbelgie
twitter @ donorkinderen

http://www.enfantsdedonneurs.com
http://www.facebook.com/enfantsdedonneurs

Uitgezonden persberichten op 24/06: Nederlandstalig en Franstalig 

Advertenties

Een gedachte over “De ‘Ceci n’est pas une annonce’ – persconferentie fertiliteitcentra 24 juni 2014

  1. Pingback: Realiteitszin ipv gemarketeerd levensadvies | Donorkinderen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s