Kindje kopen? Let me get the menu

De afgelopen weken stonden kranten en sociale media vol van nieuwe opties ter bevordering iemands voorplantingsmogelijkheden. Ze worden ons, soms letterlijk, in de schoot geworpen: van een getransplanteerde baarmoeder, de biologische drie-ouder donorkinderen, vrouwen die heden hun kinderwens kunnen uitstellen mits het invriezen van eicellen op kosten van de werkgever tot een Belgisch fertiliteitcentrum dat oproept om massaal onze eierstokken te laten stockeren, zodat desondanks het buigen van een resem ethische regels op het einde van de rit handen met – liefst eigen biologische – kinderen gevuld kunnen worden. En mocht dit niet lukken, geen paniek: dan laten we het plaatje toch gewoon kloppen door het kind biologisch/genetisch zo goed op diens ouders te laten gelijken, niet?

Het paradox kan niet groter zijn wanneer een donorkind ergens aan komt kloppen op zoek naar diens afkomst. Nog voor je goed bent binnengewandeld wordt de vlag der totale-onbelangrijkheid-der-genetica uitgehangen. ‘Je hebt toch ouders?’, ‘Je moet dankbaar zijn dat je bestaat’, ‘Je ouders hebben zoveel moeite gedaan om je te krijgen’ … zijn enkele van de dooddoeners die de keuzes over het gegeven leven dienen te vergoelijken en ons vooral het zwijgen dienen op te leggen. In stilte vraag ik me af of men deze dooddoeners ook hanteert bij de ouders en de donorkinderen van de Deense donor met NF1, of anderen die ten prooi van wanbeleid vielen omdat instanties strikte controle nalieten. Of lijkt dit te ver van ons bed zodat de meesten van ons twee oren naast hun oogkleppen te slapen kunnen leggen?

Vaak vergeet men te vermelden dat wensouders wel belang hechten aan de genetische band en meestal opteren om een kind te krijgen dat op zijn minst uit de helft van hunzelf bestaat. Slechts in uitzonderlijke gevallen – en omdat het niet anders kan – wordt overgegaan tot embryodonatie. Dus basically mag genetica wel van belang zijn voor ouders, maar niet voor het ‘eindproduct’?

Een paar weken geleden zat ik bij een hoofdfertiliteitarts. Ik zat er ter bespreking van de problematiek rond donorconceptie. Allereerst vertelde hij dat het meer dan normaal is dat een mens wil weten waar of van wie hij vandaan komt. Het was een start van een fijne conversatie. Samen vaarden we verder op dezelfde golflengte tot het korte termijnperspectief onze wegen abrupt deed scheiden. De ijsberg die het schip deed zinken was het leed en de psychologische gevolgen bij wensouders als een kinderwens onvervuld bleef. Het bewust verwekken van mensen wiens recht op afkomst werd ontzegd was voor hem bij wijze van spreken collateral damage, het offer dat het kind dient te brengen ter compensatie voor het leed of verlangen van diens ouders. Verstomd door zijn antwoord repliceerde dat dit argument ook werd gehanteerd toen massaal veel adoptiekinderen de landgrenzen werden gebracht of gesmokkeld toen inseminaties met donormateriaal nog een groter taboe was. Dacht ik verkeerdelijk dat we konden leren uit het verleden?

Het is niet omdat – voor welke reden dan ook – een kinderwens onvervuld blijft (ziekte, onvruchtbaarheid, ontbreken van een baarmoeder, zaadcellen/eicellen of juiste partner), het gerechtvaardigd is het gevoel van discriminatie of persoonlijk onrecht toe te dekken met een schending van iemands fundamenteel recht op identiteit en afkomst. We sugarcoat it with good intentions en schuiven de lessen uit het verleden gemakkelijkheidshalve aan de kant.

In de ‘ik wil ook een kind’-supermarkt worden er elke dag rayons bijgezet zodat aan de vraag en het steeds uitbreidende klantenbestand tegemoet kan gekomen worden. Vaak worden wensouders verblindt door wanhoop en laat slechte of onbestaande wetgeving het toe dat ethiek soms ver zoek is in de jungle der onvervulde kinderwensen.

So let us get the menu-card out and take you on a walk through the (memory)lanes.


Adoptie
Voor behandelingen met donormateriaal plaatsvonden, was adoptie voor koppels die kinderloos bleven of voldoende liefde, zorg te over hadden de optie. Vaak werden kinderen via weeshuizen en adoptieorganisaties verdeeld en verspreid over heel de wereld.

Ondertussen zijn er voldoende verhalen bekend van malafide praktijken om te beseffen niet alle adopties even correct verliepen of dat kinderen bij minder goede ouders terecht kwamen. Je had en hebt de opmars van adoptiekinderen die naar de plek terugkeren daar waar ze werden ontworteld. Net zoals bij donorkinderen hebben niet alle adoptiekinderen de behoefte te weten wie hun biologische ouders zijn, maar net zoals bij ons werden bij velen de keuze om te kunnen weten ontnomen, dossiers vernietigd of vervalst. Sommige kinderen werden gestolen van hun ouders, doorverkocht en kwamen zo in het adoptienetwerk terecht.

Onlangs werd er een documentaire over twee Chinese meisjes uitgezonden. Door de speling van het lot ontdekten de Noorse en Amerikaanse adoptieouders voor vertrek naar eigen land dat de meisjes tweelingzusjes zijn. Frappant aan de documentaire is dat zelfs een blinde kan zien dat de meisjes bij elkaar horen, en genetica een rol speelt doch kiezen hun ouders ervoor ze apart te laten opgroeien in hun eigen blanke, westerse wereld.

Geboortemoeders
Vanaf de jaren ‘50 bestond er in dit land ook een netwerk van kloosters en opvangtehuizen waar ‘gevallen’ meisjes werden gedropt om er te bevallen. Onder hen ook meisjes die werden gedwongen om hun pasgeborene af te staan. Verscheidene baby’s werden verhandeld door een netwerk van priesters, nonnen, vroedvrouwen, ziekenhuis-, zelfs OCMW medewerkers en vaak verkocht aan gegoede families. Zoveel jaren later is er nog zoveel pijn, schaamte en een ontzettende leegte bij moeders en de kinderen vast te stellen. Niet weten waar, wie of hoe je kind het stelt, niet weten waar of wie je ouders zijn, wat met broers en zussen, … zijn maar enkele vragen die velen met zich meedragen.

Eind augustus werd de organisatie vzw Mater Matuta opgericht waarbij geboortemoeders maar ook kinderen het aangedane onrecht aanklagen en terecht een grondig onderzoek eisen naar deze praktijken, in de hoop dat zij die willen vinden of gevonden worden dit ook kunnen. Link naar een pakkende Brandpunt-reportage.

Eicellen op stock
Apple en Facebook bieden hun vrouwelijke werknemers aan om op hun kosten hun eicellen te laten invriezen zodat de invulling van een kinderwens kan uitgesteld worden. Ook in dit land gaan stemmen op om massaal onze eierstokken te stockeren.

Deze reactie op de aangeboden extra legale voordelen sums it up really: het is beangstigend dat een werkgever of de fertiliteitwereld zich tracht te mengen in de toekomstige gezinsplanning van een persoon. Daarnaast is het ook discriminerend, houdt het risico’s in en biedt het geen garantie op een effectieve invulling van een kinderwens.

Uit het verleden weten we dat er vroeger wereldwijd werd gesjoemeld met eicellen uit eicelbanken. De opstart van een lucratieve business komt om de hoek kijken. Nope, this is a wrong tendency for so many reasons en mag enkel een optie zijn voor vrouwen in uitzonderlijke (medische) gevallen.

UZB pakte ondertussen uit met de aankondiging dat hun eerste uitstelbaby een feit in wording is. Doch hoort men eerder in te zetten op de sensibilisering van jongeren zodat de wensouders van morgen beseffen dat het uitstellen van een kinderwens de kansen op een kind aanzienlijk vermindert. En dat kinderen krijgen niet voor iedereen even vanzelfsprekend zal zijn.

Draagmoeders
Voor zij die over geen (goedwerkende) baarmoeder beschikken, kunnen beroep doen op een draagmoeder. Ook in dit land is hier zo goed als geen wetgeving rond, noch controle dat de rechten van het kind niet worden geschonden. Ondertussen kennen we het schrijnende verhaal van de baby met Down die door zijn wensouders werd achtergelaten omdat het niet voldeed aan de ‘verwachtingen’.

Onlangs zond EOS een reportage uit over illegaal draagmoederschap in Nederland: wanneer wanhoop en legale means wensouders niet aan een kind kunnen helpen, wordt het zwarte circuit opgezocht.

Fragment uit persartikel ‘Hoeveel geld was ik waard?’ nav van die reportage.
“Het kan zeer pijnlijk zijn als je geen kinderen kunt krijgen, maar moet je wel tot het uiterste gaan om dat op te lossen? Het is deze vraag die zich opdringt in de reportage. Oud-kinderrechter Paul Vlaardingerbroek reageert stellig: “Kinderen willen op een dag weten waar ze vandaan komen. Het is traumatisch om dan te merken dat de vrouw die jou droeg, jouw waarde alleen uitdrukte in een geldbedrag. Er is over je onderhandeld!”

Volgens Vlaardingerbroek denken betrokkenen veel te weinig na over de gevolgen voor het kind. “Zouden we niet moeten accepteren dat niet alles maakbaar is?” vraagt hij zich hardop af. “Er zijn grenzen die je niet moet overschrijden.”

Als een kind met gedragsproblemen niet écht van jou is, blijkt vaak dat een van de ‘wensouders’ het eigenlijk niet wilde. Die accepteert ook niet dat voor het geld dat is betaald een onvolmaakt ‘product’ geleverd is.” Op de markt waarop dit ‘product’ verhandeld wordt, gaat het er heel zakelijk aan toe, vindt Roelof. “Maar de kansen zijn ongelijk verdeeld. Voor potentiële draagmoeders zijn de omstandigheden gunstig, want het aanbod is veel kleiner dan de vraag. Zij kunnen makkelijk profiteren van de wanhoop bij wensouders.”

De afgelopen decennia werd reeds zoveel kennis vergaard, doch zie je deze zelden doorsijpelen in huidige wetgeving of beleid.

We zetten soms precies 5 stappen terug aangaande de fundamentele mensenrechten van het kind of de complexiteit van heel het gegeven, wanneer ethische grenzen dienen verlegd te worden ter vervulling van een kinderwens van een nieuwe groep wensouders. Het is en blijft gewoon een heel complex gegeven met gigantisch veel gevoeligheden bij alle actoren.

Sociaal ouderschap wordt wel gepredikt maar zelden toegepast, daarvoor primeert de invulling van kinderwensen en de verderzetting van bloeiende businessen boven het toekennen van het fundamenteel zelfbeschikkingsrecht op afkomst van een mens. Men vergeet echter dat bij sociaal ouderschap deze net hand in hand horen te gaan zodat de fundamenten van onderlinge relaties op een vaste en correcte ondergrond kunnen gebouwd worden, en niet op los zand zoals dat nu meestal het geval is.

Daarom is er nood aan een duidelijk kader, beleid en controle waarbij een maatschappelijke verantwoordelijkheid wordt opgenomen dat start vanuit de belangen van het kind. Het steeds moeten vaststellen dat het ontbreken hiervan zware gevolgen heeft voor de kinderen, maar ook voor de sociale en biologische ouders raakt de gevoelige snaar keer op keer.

Dit staat los van geweldige ouders, sterke gezinsbanden, de vriendschap en de overstijgende liefde tussen gezins-en familieleden. In Utopia leven we met zijn allen nog lang en gelukkig, maar we weten allemaal dat dit niet altijd even makkelijk of haalbaar is. De kracht ligt er in samen te werken aan een correcter beleid en elkaar te vinden in het geheel.

Groet,
Steph

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s