De 180° bocht van Etienne Vermeersch

Op dinsdag 4 november organiseerde de Maakbare Mens vzw een debatavond over de ‘Genetische Revolutie’ en dit op het grondgebied van de UA. Sprekers van dienst waren niet de minste: zo namen geneticus JJ Cassiman, ethicus Etienne Vermeersch, als jurist Nick Van Gelder het woord. Om het gesprek in goede banen te leiden werd de hulp van heer Geerdt Magiels ingeroepen.

Het klopt dat we aan de vooravond van een genetische revolutie staan. Nog nooit bezaten we zoveel kennis over onze genetica. Kennis die alleen meer zal toenemen en resulteren in innovaties die science fiction evenaart en zelfs zal overstijgen.

Het werd een zeer interessante avond waarbij adhv stellingen soms hevig werd gedebatteerd en gereflecteerd, maar steeds gespijsd met gezond verstand, humor, ratio maar ook met empathie voor de hartverscheurende keuzes die mensen soms moeten maken. De potgrond van de argumenten bestond uit het belang van de autonomie in keuze, belang van het kind dat niet vraagt om verwekt noch geboren te worden, de morele verplichtingen en gevolgen voor ouders maar ook voor onze maatschappij aangaande gemaakte keuzes of omstandigheden.

We dachten zelfs een nieuwe slogan voor een volgende affiche-campagne te hebben gevonden toen heer Vermeersch zich in 1 van zijn vurige pleidooien liet ontvallen dat DNA iemands identiteit bepaalt, meer nog: hij bestempelde het als een ‘elementair aspect van iemands persoonlijkheid’.

Het debat liet toe dat het publiek ook vragen aan de sprekers mocht stellen. Een kans dat je niet kan laten liggen, zeker als je in gesprek kan treden met mensen die kennis van zaken hebben.

Mijn vraag richtte zich tot de heer Vermeersch en jurist Van Gelder. Allereerst bedankte ik hen uitvoerig voor hun inbreng en inzichten, welke me gunstig zelfs lichtjes optimistisch stelde, alvorens volgende vraag voor te schotelen: “Deze genetische revolutie houdt ook in dat steeds meer mensen, die normaliter geen kinderen kunnen krijgen, alsnog hun kinderwens kunnen invullen via behandelingen met donormateriaal of draagmoederschap. Hebben we als maatschappij de morele verantwoordelijkheid en verplichting de kinderen die er door verwekt worden hun recht op genetische identiteit en afkomst toe te kennen?”

Het antwoord dat er op volgde, deed me controleren of ik nog steeds in hetzelfde debat met dezelfde personen zat. We kregen een betoog van de heer Vermeersch die hem bijna een 3e infarct opleverde. Waar hij eerder zelfbeschikking en keuzevrijheid hoog in het vaandel droeg, deed hij de zoektocht naar genetische afkomst af als ‘een overdramatisering’. Hij toverde ervoor zelfs een nieuw woord uit zijn ethische hoed: ‘rootssearching’. Je genetische afkomst willen kennen was volgens hem iets overroepen – hij maakte zelfs een de vergelijking met het fenomeen racisme –  iets waar te veel belang aan wordt gehecht. Kinderen waren opeens geen volwaardige actoren meer, noch te beschouwen als evenwaardige deelnemers in het complex gegeven. We werden zelfs niet meer vermeld daar het pleidooi dat werd opengetrokken eerder iets weg had van de ‘niet mijn zaadcel/eicel, helemaal mijn zoon/dochter’-campagne. Heer Vermeersch blies op de waarschuwingshoorn door een mogelijke daling in het aantal donoren in te luiden.

Gelukkig was er de bijdrage van jurist Van Gelder en geneticus Cassiman nog, die wel een antwoord op de gestelde vraag gaven. Kort maar krachtig werd duidelijk gemaakt dat de repliek van heer Vermeersch makkelijk te geven viel daar hij zijn genetische roots had gekend. Daarnaast werd door jurist Van Gelder terecht opgemerkt dat autonomie in keuze mbt afkomst en identiteit aan het kind toebehoort en wettelijk toegekend kan worden, zoals bv. UK en Nederland ons zijn voorafgegaan. Heer Cassiman voegde er ook aan toe dat hèt fundament van een moderne samenleving net keuzevrijheid is. En dat we de keuze horen toe te kennen aan de kinderen, omdat zij in heel het gegeven nooit een keuze hadden.

Persoonlijk heb ik nog nooit iemand zo snel 180° zien draaien als heer Vermeersch en sta ik nog steeds versteld van zijn ondergraving van genetische afkomst bij donorkinderen. Hoe kan iemand voorstander zijn van een genetische revolutie waarbij net onze genetica, en dus afkomst/verleden, dè rol speelt om inzicht te krijgen op het heden , maar deze ook onze toekomst – en van onze toekomstige kinderen – bepaalt en bijsturing mogelijk maakt?

Heer Vermeersch vertelde me achteraf dat het voor hem van existentieel belang was om zijn genetische vader te kennen wegens dezelfde historiek in hoge bloeddruk en infarcten. Hiermee stelt hij dat er een onderscheid is in rechten van elke burger om te beschikken over informatie die voor/hem belangrijk is, daar donorkinderen genoegen dienen te nemen met het ontbreken van deze vitale informatie. Daardoor verlaagt men echter bewust de kwaliteit van iemands bestaan.

We plukken letterlijk de ‘vruchten’ van een genetische revolutie, maar beschouwen ze als minderwaardig en kennen ze niet dezelfde rechten toe als de mensen die het geluk hadden verwekt te worden met het genetisch materiaal van hun ouders.

Een revolutie hoort niet ten koste te gaan van de kinderen die er door verwekt worden. Want dan spreek je niet meer over een revolutie maar over een systematische schending van mensenrechten.

Groet,
Steph

(p.s. aan alle donorkinderen die dit lezen: heer Vermeersch vertelde ook dat hij nooit spermadonor is geweest, dus we kunnen alvast 1 man van het lijstje schrappen. Nog 4.278.089  te gaan)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s